Veelgestelde vragen over kleinschalig wonen

Snel naar

Je wil een kleinschalige woning bouwen, wat moet je doen?

Je hebt een omgevingsvergunning nodig. Je vraagt de omgevingsvergunning aan via het online omgevingsloket.
Als je samenwerkt met een architect, kan deze de aanvraag voor je opmaken.
Als je bijkomende informatie wilt of met vragen zit, neem dan contact op met de gemeente waar je de woning wilt plaatsen. Het is de gemeente die uiteindelijk moet zorgen voor een vergunning. Kleinschalige woningen zijn voor de wet gelijk aan andere huizen. Er bestaat geen speciale regeling voor zulke woningen.

Hoe klein mag je kleinschalige woning zijn?

Het basisprincipe is dat de woning groot genoeg moet zijn voor het gezin dat er zal wonen.

Concreet betekent dit dat de totale vloeroppervlakte van de woning minimale afmetingen moet hebben:

  • 18 m² voor 1 persoon
  • 27m² voor 2 personen
  • 40m² voor 3 personen
  • 50m² voor 4 personen
  • 60m² voor 5 personen, ...

Daarnaast is het aantal woonlokalen belangrijk. Woonlokalen zijn de woonkamer, keuken en slaapkamer(s).

  • Voor 2 bewoners moeten er minstens 1 of 2 woonlokalen zijn.
  • Voor 3 personen minstens 3.
  • Voor 4 of 5 personen minstens 4.
  • Voor 6 tot 8 personen minstens 5.

In alle woonlokalen die meetellen moet er een maximale plafondhoogte zijn van minstens 220 cm; bij hellende plafonds telt de ruimte met een hoogte groter dan 180 cm. Lokalen die kleiner zijn dan 4 m² of die nergens 220 cm hoog zijn tellen niet mee.

Kan een kleinschalige woning overal geplaatst worden?

Je denkt best goed na over de locatie van je woning. Kleinschalige woningen zijn een goed idee als ze een vorm van versterking van het bestaande woonweefsel zijn. Als een kleinschalige woning als aparte vrijstaande woning geplaatst wordt, zorgt dit er voor dat de ruimtelijke versnippering nog groter wordt. Dit is niet wenselijk, dus gebeurt het beter niet.

Je kan ook verschillende kleinschalige woningen binnen een project plaatsen, met gedeelde ruimtes. Of dit kan leiden tot een goed woningdeelproject zal ook afhangen van de locatie. In een ideaal geval ligt je project dicht bij voorzieningen en openbaar vervoer. Neem contact op met de dienst ruimtelijke planning van de gemeente om af te toetsen wat mogelijk is.

Hoe beslist de gemeente of je een vergunning krijgt?

  1. Allereerst zal de gemeente bekijken of het perceel waarop je een woning wilt plaatsen geschikt is voor wonen volgens het bestemmingsplan (het gewestplan, eventueel het bijzonder plan van aanleg (BPA) of ruimtelijke uitvoeringsplan (RUP)) en een eventuele verkavelingsvergunning.
  2. Daarna zal de gemeente checken of je woning en de ligging ervan voldoen aan het wetboek, in dit geval de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening. Ook zal nagegaan worden of alles in overeenstemming is met provinciale en lokale verordeningen.
  3. Tot slot zal de gemeente bekijken of alles in overeenstemming is met de "goede ruimtelijke ordening". Dit betekent dat de gemeente nagaat of je kleinschalige woning in overeenstemming is met het ruimtelijk rendement. Zo moeten de woning en de schaal van de woning passen in de omgeving, het ruimtegebruik moet goed zijn en de bouwdichtheid passen in de omgeving.

Nog een vraag over kleinschalig wonen?

Elke werkdag van 8:30 tot 17:00 uur.

kleinschaligwonen [at] vlaamsbrabant.be

Antwoord binnen 2 werkdagen.